Geschiedenis spoorwegen
in en om
Roosendaal

 
Niets uit deze website mag worden verveelvoudigd en/of openbaar gemaakt, door middel van kopie, op digitale of welke andere wijze dan ook, zonder voorafgaande schriftelijke toestemming van auteur en/of webmaster.
 

Per tram van Roosendaal naar Gastelsveer

 
Dit verslag is bedoeld om in woord en beeld enig inzicht te geven, hoe en waar de tram van de Zuid-Nederlandsche Stoomtramweg-Maatschappij (ZNSM) reed op weg van Roosendaal naar Gastelsveer.
 
 
In de jaren twintig staat bij de Veemarkt in Roosendaal een tram gereed met een gezelschap voetbalsupporters, die op weg zijn naar een wedstrijd in Steenbergen. De locomotief staat rechts buiten beeld. Voor de bagagewagen staat de conducteur (in uniform). Eén van de torens van de 'Paterskerk' is links in beeld te zien.
 
 
Wat op de vorige foto niet in beeld stond, waren de locomotief en de bagagewagen. De fotograaf staat op de Oostelijke Havendijk en kijkt op de gebouwen aan de kop van de Veemarkt, tussen de Oostelijke Havendijk en de Nieuwe Vughtstraat (later Veemarktstraat en nog later Industriestraat, zie ook tekening verderop. Vanuit de panden achteraan kijk je dus uit op het spoorwegemplacement. Wat er overigens links naast de ketel op de machine ligt, is onbekend.
 
 
Grafische voorstelling van een locomotief van de ZNSM uit serie 1 t/m 8, in de toestand bij aflevering in de jaren 1890-1892.
 
 
Links: Staande op de laad- en losplaats bij de goederenloods aan de Kade ziet de fotograaf het café 'Spoorzicht' van H. van Lieshout en de 'Paterskerk'. Ansichtkaart uit circa 1910.
Rechts: Vanaf de Oostelijke Havendijk rijst op 16 juli 1977de 'Paterskerk' hoog boven de huizen uit aan de Veemarkt en Molenberg. Uiterst links in beeld staat het vroegere café 'Spoorzicht' en pal vóór de huizen daarvoor lag vroeger het kopspoortje voor de tram, wachtend op reizigers uit Roosendaal naar Gastelveer. In latere jaren maakten heel wat huizen plaats voor een kantoorgebouw, dat later werd omgevormd tot appartementen. Daarmee was het uitzicht vanaf de haven op de 'Paterskerk' definitief verdwenen.
 
 
De kaart laat de plaats van de Veemarkt zien, het spoor parallel aan het rijtje huizen aan de Veemarkt en de wisselplaats van de tram verderop aan de Oostelijke Havendijk. De 'Paterskerk' staat rechts buiten beeld. Totdat het nieuwe spoorwegstation per 4 november 1907 in dienst kwam, gingen reizigers die (met de tram in Roosendaal op de Veemarkt aankwamen) via de spoorwegovergang met de fraaie naam 'De Schuiven' naar het station. Daarna was het minstens 600 meter verder lopen.
Hoewel er sinds 1888 een voetgangersbrug lag vanaf de Nieuwe Vughtstraat (later Veemarktstraat) naar het oude spoorwegstation, was die niet bedoeld voor treinreizigers. Daarmee kon je alleen de 'Directe Belastingen, Invoerrechten en Accijnzen' bereiken, die haar intrek had genomen in gebouwen aan de westzijde van het tweede perron. Omgekeerd konden belastingbetalers ook niet via het stationsgebouw naar dit gebouw lopen.
 
 
Vanuit een galmgat van één van de torens van de 'Paterskerk' had je in 1910 een goed uitzicht op de Veemarkt (die toen nog heel wat dieren en boeren trok) en aanpalende activiteiten. Links in de straat ligt het spoor voor de ZNSM op de Veemarkt.
De rij goederenwagens, pal tegen het hekwerk,
is van de Staatsspoorwegen (SS). Helemaal rechts staat de goederenloods van de SS en iets verderop een rijtje goederenwagens van de ZNSM. Want na 1907 mocht de ZNSM op het emplacement van de SS komen voor het overladen van goederen, zodat de Nieuwe Vughtstraat niet langer meer werd geblokkeerd. Tussen 1893 en 1907 werden de wagens van de ZNSM namelijk in de Nieuwe Vughtstraat parallel aan een spoor van de SS geplaatst.
 
 
Gewoonlijk had een stoomtramwegmaatschappij op haar eindpunten een emplacement met daarop een machineloods (1) én overnachtingsruimte (2) voor het personeel, dat 's avonds laat aankwam (bijvoorbeeld uit Breda) en de volgende ochtend met de eerste tram weer vertrok. Verder was er een kantoor (3), magazijn (4) en steenkolenbergplaats (5). Een zuigpomp zorgde voor het opvoeren van water uit de naastgelegen Roosendaalsche Vliet. Aan de westzijde van de bergplaats stond dan ook een hoogelegen waterreservoir (6), van waaruit locomotieven naar behoefte van water werden voorzien. In mei 1893 werd het enkelspoor aan de Oostelijke Havendijk uitgebreid tot een wisselplaats, pal vóór het het café van Frans Bruijninckx (7).
 
 
Het tramwegnet van de ZNSM, dat voor het merendeel in de jaren 1890-1906 werd aangelegd, had rond 1920 een grootste omvang van 96,4 kilometer.
 
 
Precies op tijd volgens de concessievoorwaarden (vóór 01-01-1893) slaagde de ZNSM erin de opening te realiseren van het traject Oudenbosch - Steenbergen en de zijtak Gastelsveer - Roosendaal op 31 december 1892.
 
 
Ter hoogte van de pijl links staat het gebouwencomplex van de ZNSM. Bij de pijl rechts bevindt zich het ‘Tramstation’. Aan de gevel van het café hangt een bord met het opschrift ‘Tramstation’ en haaks hierop een uithangbord met de woorden ‘Station Rosendaal’ en ‘Goederenkantoor der Zuid-Ned. Stoomtramweg Maatschappij’. Niets leek een goede reputatie in de weg te staan. Vaag is nog de wisselplaats voor het café te zien. Links staat het hekwerk op de kade (zie ook plattegrondtekening). Ansichtkaart uit circa 1910.
 
 
Ofschoon wat voorbarig, omdat de wisselplaats bij het café toen nog niet gereed was, verscheen er al een advertentie in de krant van 2 april 1893 met de fraaie naam ‘De Grondwet’.
 
 
Tussen de twee witte pijlen is de voorgevel van de machineloods met overnachtingsruimte en kantoor van de ZNSM te zien. Ansichtkaart uit circa 1910.
 
 
Een tram van de ZNSM is zojuist vertrokken van de Veemarkt en rijdt ter hoogte van de machineloods van de tramwegmaatschappij. Voorzover bekend is dit de enige ansichtkaart met een tram op de Oostelijke Havendijk in de stad. Verderop staan de schoorstenen van de drie suikerfabrieken: 'Janssens, Van Weel, Smits & Co', 'Ravenswaaij, Fercken, Jäger & Co' en 'De Ram & Co'.
(Anno 2020 is de situatie totaal gewijzigd, zie het beeld verderop met suikersilo's en brug.)
 
 
Iets verderop aan de Oostelijke Havendijk liggen zeilschepen ter hoogte van suikerfabriek van 'Ravenswaaij, Fercken, Jäger & Co'. De suikerbieten zijn juist gelost door de mannen en vrouwen. Gewoonlijk doen de vrouwen de manden in het schip vol met bieten, waarna de mannen die op hun schouder plaatsen. Vervolgens sjouwen zij die mand via een laddertje het schip uit en steken de Oostelijke Havendijk over, waarna zij de bieten enkele tientallen meters verder op het fabrieksterrein deponeren. Dan begint de cyclus weer opnieuw, tot het hele schip is gelost. De tram van de ZNSM reed kort langs de ingangen van de fabriek (rechts op de foto). In de verte zijn de schoorstenen te zien van suikerfabriek 'De Ram & Co'. Foto uit circa 1900.
 
Voorbij de suikerfabriek 'Ravenswaaij, Fercken, Jäger & Co' was de suikerraffinaderij van 'G. Castelot', die wat verder van de weg af lag. Pal tegen de weg stond daar een café met de naam 'Goede Ree' (Oostelijke Havendijk 14), waar de ZNSM op verzoek stopte voor het in- en uitstappen van reizigers. Dat was soms ook het geval bij het café 'Mon Plaisir' (Oostelijke Havendijk 15), iets ten zuiden van de suikerfabriek 'De Ram & Co'. Van dit alles is echter niets meer in het veld te herkennen.
 
 
De suikerfabriek 'De Ram & Co' werd in 1916 overgenomen door de 'Coöperatieve Beetwortelsuikerfabriek Roosendaal', die het jaar daarop haar eerste campagne draaide. De drie Roosendaalse suikerfabrieken hadden al vrij snel een aansluiting op de ZNSM, die de bieten via een spooraanluiting tot op het gor kon brengen. In dat opzicht was de scheepvaart enige tijd in het nadeel, tot er aan de kade grote hijskranen werden geinstalleerd, die bieten vanuit het schip met grote happen tegelijk op het bietengor konden brengen. Vooral in de jaren twintig en dertig kwamen grote hoeveelheden bieten vanuit het Zeeuwse Schouwen-Duiveland via Sint Philipsland en Steenbergen naar Roosendaal. Zowel de 'scheepsbieten', als de 'trambieten' en de 'treinbieten' werden op een eigen 'gor' gelost. De foto uit circa 1935 toont een beeld vanaf de Oostelijke Havendijk op de stortplaats aan de noordzijde van de 'Coöperatieve Beetwortelsuikerfabriek Roosendaal'.
 
 
Gezicht op het bietengor. Van links naar rechts is dat ingedeeld voor bieten per schip, per trein, per tram en met paard en kar of vrachtwagen. Op de achtergrond staat de in 1929 in eigen werkplaats gemaakte transportinstallatie voor steenkolen en kalksteen uit het schip. Foto Persbureau Het Zuiden, 29 september 1928, collectie WBA.
 
 
Een foto van het vroegere KLM Aerocarto, gemaakt bij het prille begin van de campagne in september 1937, laat zien dat de eerste landbouwers uit de buurt (met paard en kar of per vrachtauto) al bieten hebben aangevoerd of nog bezig zijn. Op het gor voor bieten per schip liggen de hopen van twee eerder geloste schepen. Een derde en een vierde zijn bezig te ontstaan door het lossen van twee pas aangelegde schepen. Per trein is er nog niets aangevoerd, terwijl de tram sinds 11 januari 1937 (laatste dag van de campagne 1936-1937) niet meer rijdt.
Het tramspoor op het gor is opgebroken, evenals de aansluiting met het hoofdspoor op de Oostelijke Havendijk. Het duurt niet lang meer, voordat ook het tramspoor vanaf de Veemarkt naar het Gastelsveer zal worden verwijderd.
De drie in eigendom van de Roosendaalse suikerfabriek zijnde goederenwagens staan nog op een laatste restant van het tramspoor op eigen terrein te wachten op een nieuwe eigenaar. Daarentegen is het spoor voor de aanvoer van bieten per trein deels al opnieuw gelegd. Alleen aan de noordzijde van het terrein (links op de foto) moet dat nog gebeuren.
Goed is ook de hooggelegen transportinstallatie op jukken te zien. Vanuit het schip zijn met kipkarren op smalspoor via een omweg langs het gor de diverse opslagplaatsen van het fabriekscomplex goed te bereiken. Foto Aviodrome Lelystad, september 1937, collectie Marius Broos.
 
 
Een detail uit de voorgaande foto, waarop de drie goederenwagens van de ZNSM op een laatste stukje spoor staan te wachten op een nieuwe eigenaar. Foto Aviodrome Lelystad, september 1937, collectie Marius Broos.
 
 
De 'Coöperatieve Beetwortel-suikerfabriek Roosendaal', ging in 1949 op de in de 'Verenigde Coöperatieve Suikerfabrieken' (VCS) en in de jaren zestig in de 'Suiker Unie'. De vestiging in Roosendaal werd na de campagne van 1995 gesloten voor het verwerken van suikerbieten. Alleen de twee silo's met daarop 'Suiker Unie' herinneren nog aan het verleden. In het verre verleden stonden rechts in beeld nog twee suikerfabrieken en een kandijfabriek. Op de Oostelijke Havendijk, waar nu een voetpad is gelegd, reed de ZNSM. Ter hoogte van de huidige brug stond de vroegere uitspanning Mon Plaisir' (destijds Oostelijke Havendijk 15), die in 1917 werd gesloten.
Hier stopte de ZNSM ook op tijdig verzoek.
 
Wie nu met fiets of auto naar het Gastelsveer gaat, moet vanaf de brug tot aan de A 17 aan de westzijde van de Roosendaalsche Vliet rijden. De Oostelijke Havendijk werd in de jaren tachtig doorsneden bij de aanleg van een havenkom op het nieuwe industrieterrein Borchwerf Noord. Pas na het viaduct van de A17 over de Roosendaalsche Vliet kun je aan de oostzijde van de Vliet verder rijden.
 
 
Een jaar na de sluiting van het oude 'Mon Plaisir' op nummer 15 kwam enkele honderden meters verderop, voorbij de 'Coöperatieve Beetwortel-suikerfabriek Roosendaal' de naam van de voormalige uitspanning terug. Jacobus van Oers nam bij zijn huwelijk met een dochter van Cornelis Vooghden ook het café van haar ouders over en zette het samen met haar voort onder de 'overgenomen' naam ‘Mon Plaisir’. Het bleek een goede commerciele zet, want zijn café werd in de jaren twintig en dertig het adres voor de vele schippers van sleepaken voor de suikerfabriek. Overigens was de ZNSM ook niet gek, want die zette het café als facultatieve stopplaats in haar dienstregeling en dat onder de naam Nieuw 'Mon Plaisir'. Foto J. Sturm, Roosendaal, circa 1920.
 
 
Eén van de boerderijen die de tram 'nog aan zich voorbij heeft zien rijden', is het huidige pand Vlietweg 4. De ZNSM reed rechts van de weg, vrij kort langs de paaltjes bij de voorgevel van het pand. De foto is gemaakt op 9 oktober 2020.
 
 
Uit de begintijd van de ZNSM in Roosendaal is slechts één enkele ansichtkaart bekend. Het is een ‘gemengde’ tram aan de Oostelijke Havendijk bij Roosendaal, ongeveer ter hoogte van het punt waar de 'Leidingenstraat' met een sifon het water kruist. De tram bestaat uit een vierassig rijtuig 2e klasse met middenbalkon (tussen twee aan elkaar gelijke compartimenten ‘Rooken’ en ‘Niet Rooken’), een twee-assig rijtuig 1e klasse, een bagagewagen en drie gesloten goederenwagens. Rechts van de tram had de ZNSM een perceeltje grond, iets ten zuiden van de huidige ‘Leidingenstraat’. Het houten gebouwtje diende wellicht als schuilgelegenheid voor arbeiders. Ansichtkaart uit circa 1905, collectie Marius Broos.
 
 
Een ander boerderijtje dat de tram 'nog aan zich voorbij heeft zien rijden', is het huidige pand Vlietweg 32, dat gebouwd is in 1926 en weldra zal worden vervangen door een nieuwbouw op dezelfde plaats. De ZNSM reed rechts van de weg, pal langs de rand van het asfalt. In de verte is de boerderij van (destijds) de familie Voorbraak al te zien. De foto is gemaakt op 20 december 1998.
 
 
Schets van de situatie (links) en op foto uit Google Earth (rechts), waar de vroegere Oostelijke Havendijk (later Vlietweg) uitkomt op de Gastelsedijk Zuid bij het vroegere café van de familie Voorbraak. Dat café werd door de ZNSM aangeduid met de naam halte 'Capelberg', maar droeg die naam niet. Om goederentrams uit te laten wijken lag er een zijspoor aan de westzijde van de weg. Of daar ook bieten werden geladen voor de suikerfabrieken in Roosendaal, lijkt erg twijfelachtig. Vaak bracht een boer uit de buurt zijn bieten met eigen paard en kar naar de fabriek.
Nadat de bedevaartgangers waren uitgestapt, liepen zij de Gastelsedijk Zuid in in oostelijke richting af. Hoe er dat aan toe ging, is te lezen in een krantenbericht van 6 mei 1899:
Steenbergen - 'Jl. Donderdagmorgen ten half tien ure vertrok alhier per tram eene processie naar den 'Capelberg' nabij Roosendaal. Aan deze processie namen 94 personen deel. Per tram van 4 uur keerden allen, onder het zingen van godvruchtige liederen, voldaan terug.'
 
 
Op 20 december 1998, ruim zestig jaar na het verdwijnen van de tramrails, lagen er ook suikerbieten aan de Vlietweg bij de vroegere halte 'Capelberg', alleen gingen die met een vrachtauto of tractor met wagen naar de fabriek in Dinteloord (Stampersgat).
 
 
De boerderij annex café van de familie Gerard (later Antonius) Voorbraak stond bekend als uit- en instapplek voor bedevaartgangers naar en van de Kapelberg. Het huis (Gastelsedijk Zuid 21) is gebouwd in 1896 en de grote schuur in 1907. Op 6 mei 1934 brandde de schuur tot de grond toe af, maar werd herbouwd. Op de voorgrond lag vroeger het uitwijkspoor van de ZNSM. De foto is gemaakt op 24 september 1989.
 
 
Een idyllische omgeving voor een halte van de ZNSM. De tram kwam in vroeger dagen van rechts naar links in een vloeiende boog de Gastelsedijk Zuid op, steeds de buitenzijde van de bocht aanhoudend. Daarbij moest een stoomlocomotief vanuit Roosendaal, met flink wat rijtuigen of goederenwagens achter zich, flink aanzetten om de helling te bedwingen. Het geluid van de exhaustslagen zal vaak oorverdovend zijn geweest. De foto is gemaakt op 24 september 1989.
 
 
Komende vanaf het zuiden reed de tram uiterst rechts van de weg naar het Gastelsveer (pal rechts van de wielrenner). Zodra de Barteweg in zicht kwam met de in 1910 gebouwde (hoge) schuur van de 'Barte Hoeve' (Gastelsedijk Zuid 9) lag er aan de westzijde van de weg een wisselplaats. Daar kon een goederentram of in de campagne een tram met suikerbieten aan de kant gaan om een reizigerstram te laten passeren. In het geval een tegenligger de wisselplaats bij het Gastelsveer bezet hield, moest er ook altijd aan de Barteweg worden gewacht.
 
 
Links is de wisselplaats ingetekend op een foto uit Google Earth. Rechts is het perceel aangeduid dat de ZNSM moest aankopen om daarop te wisselplaats te leggen. De tramwegmaatschappij had toen heel wat zand aan te voeren om het dijktalud op te hogen tot het niveau van de rijweg.
 
 
Vanaf het zuiden is niets meer te ontwaren van de vroegere ophoging van het dijktalud aan de westzijde. Vanaf de noordzijde is dat nog wel het geval, want niet alles is door boeren of andere liefhebbers uit de buurt afgegraven voor eigen gebruik na de opheffing van de tram in 1937. Er is pal achter de bomen een tamelijk steil dijklichaam overgebleven. Links is het huidige woonhuis (Gastelsedijk Zuid 9) van de 'Barte Hoeve' te zien.
Indien enigszins mogelijk werd een wisselplaats altijd aan één zijde van de weg gelegd, maar vanwege het kruispunt Gastelsedijk Zuid - Barteweg was dat hier niet mogelijk en zelfs gevaarlijk, al moest de tram in deze oplossing wel tweemaal de weg oversteken.
 
 
Op 13 oktober 1936 bracht student W.D.J. Cramer uit Doorn met zijn kameraad op de fiets een ééndaags bezoek aan West-Brabant, dit met de bedoeling om trams te fotograferen. Het was de laatste campagne, waarin er nog bieten per tram naar West-Brabant kwamen. Op 11 januari 1937 zou het definitief afgelopen zijn, al was dat hen toen nog niet bekend.
De jongens stonden ongeveer op de plaats, waar deze foto is gemaakt (zie sterretje op kaartje en foto uit Google Earth hierboven).
Het huis links (Gastelsedijk Zuid 7) stond er in 1937 nog niet. Helemaal in de verte rechts is de hoge schuur van de 'Barte Hoeve' uit 1910 te zien. Rechts steken schoorsteen en punt van de gevel van het boerderijtje op Gastelsedijk Zuid 12 boven het geboomte uit.
 
 
Juist circa zeshonderd meter ten zuiden van het Gastelsveer (ter hoogte van de huidige ‘Witte Hoeve’) ontmoeten de beide jongens locomotief ZNSM 2 (uit 1890) met een sliert lege bakwagens uit Roosendaal. De tram is onderweg naar Schouwen-Duiveland (via Steenbergen en het veer Anna Jacobapolder - Zijpe).
Achteraf blijkt, dat het één van de zeer weinige plaatjes is met een lege bietentram in West-Brabant. Helemaal in de verte is de hoge schuur van de 'Barte Hoeve' uit 1910 en rechts zijn de schoorsteen en de gevel van het boerderijtje op Gastelsedijk Zuid 12 te zien. Foto W.D.J. Cramer, Doorn.
 
 
Het tramwegknooppunt bij het Gastelsveer was vanaf 1893 meerdere malen per dag het levendige overstappunt van reizigers uit en naar Oud Gastel en Oudenbosch, uit en naar Roosendaal, uit en naar Kruisland en Steenbergen (vanaf 1900 ook met de RTM uit en naar Schouwen-Duiveland) en vanaf eind 1906 uit en naar Willemstad. Mocht de aansluiting enige vertraging hebben of moest je wachten op een aansluitende tram, dan bood het café Gastelsveer je enige soelaas.
De tekening spreekt haast voor zich. Tot 1906 konden er nog geen (goederen)trams rechtstreeks naar en van Kruisland rijden en was het steeds overstappen. Pas in 1911 kwamen er ruimere faciliteiten op de Gastelsedijk Zuid en konden er zelfs drie trams uit verschillende richtingen naast elkaar staan.
Opzienbarend is echter dat er destijds nauwelijks foto's zijn gemaakt of bewaard zijn gebleven, zelfs geen ansichtkaart. En dat op zijn zo'n tramwegknooppunt...!
 
 
De kaart van Gastelsveer en directe omgeving hierboven is geprojecteerd in de foto uit Google Earth, die hieronder staat. Duidelijk is hoe situatie ter plaatse was, toen Gastelsveer nog als een heus tramwegknooppunt fungeerde.
 
 
Tachtig jaar later was de inmiddels ‘afgeslechte’ boog naar Oud Gastel (rechts) nog duidelijk in het veld te herkennen aan de ligging van de sloot. Foto Marius Broos, 20 december 1998.
 
 
Op de foto uit Google Earth hierboven is de standplaats van de fotograaf van de plaat hieronder aangegeven met een sterretje. De in 1980 nog zichtbare 'afgeslechte' boog is overigens niet meer te herkennen.
 
 
Meer dan een eeuw terug werd de meest opzienbarende plaat gemaakt door notaris A.M.B. Smulders te Oud Gastel. Twee dames zijn op 23 januari 1908 op de Gastelsedijk Zuid bij het Gastelsveer uit de tram van Roosendaal naar Oud Gastel gestapt en poseren nog even voor de fotograaf, alvorens zij (vermoedelijk met hem) naar het gelijknamige café (links buiten beeld) gaan, in afwachting van de eerstvolgende tram uit Oud Gastel naar Kruisland en Steenbergen.
De door hen verlaten tram rijdt inmiddels in de boog naar Oud Gastel en bestaat uit de minimale samenstelling: een locomotief, een bagagewagen, een twee-assig rijtuig 1e klasse en een vier-assig rijtuig 2e klasse met middenbalkon. Duidelijk is de in de winter (en zeker na sneeuwval) zeer slijkerige Gastelsedijk Zuid en het naar de Veerkensweg geleidelijk aflopend tramwegtracé te zien.
 
 
Ook van de boog naar of van Kruisland is een foto bekend. Op 26 juli 1917 brengt Koningin Wilhelmina een bezoek aan het Korps Pontonniers, dat bezig is met het oefenen in het leggen van een (provisorische) schipbrug naast de draaibrug bij het Gastelsveer. Enkele hoge militairen helpen de koningin bij het verlaten van het laaggelegen terrein, op weg naar haar auto. Links ligt de boog vanuit Kruisland naar het tramwegemplacement op de Gastelsedijk Zuid bij het Gastelsveer. Foto Persbureau Holland, collectie ‘Het Geheugen van Nederland’.
 
 
Na afloop van de oefening op 26 juli 1917 wordt koningin Wilhelmina door enkele hoge militairen naar haar dienstauto begeleid. Die staat aan de Veerkensweg en op de achtergrond is het café Gastelsveer te zien. Aan de muur hangt het bord met opschrift ‘Station Stoomtram Gastelsveer’. Tussen de rails van het baanvak Oud Gastel - Kruisland staan nog wat mensen, die uitgelopen zijn om een glimp van de vorstin op te vangen. Foto Persbureau Holland, collectie ‘Het Geheugen van Nederland’.
 
 
Het ligt voor de hand om te veronderstellen dat het bord boven de deur, waarop in 1975 de tekst ‘café P. Moerings tel. 290’ staat, onder verschillende verflagen nog de tekst ‘Station Stoomtram Gastelsveer’ draagt. Het was destijds nog maar 40 jaar geleden, dat het café de functie voor tramreizigers had verloren. Toch stopte er in 1975 nog altijd elk uur een autobus van de 'N.V. Brabantsche Buurtspoorwegen en Autodiensten' (BBA), die in 1934 was geboren als opvolger van de zes tramwegmaatschappijen in Noord-Brabant. Zij reed nog steeds tussen Breda en Steenbergen, via Etten, Hoeven, Oudenbosch, Oud Gastel en Kruisland, precies zoals de ZNSM dat voorheen reed. Foto Marius Broos, 10 mei 1975.
 
 
Tot slot een schilderij van Jan Kuppens. Staande op de Veerkensweg kijkt hij in de richting van het café en de draaibrug. Links komt de stoomtram uit Roosendaal en rijdt de Veerkensweg op. Vaag is de boog naar de brug te ontwaren en in de verte de woning van de brugwachter. Mooi is de schuur met rieten dak te zien die schuin tegenover het café Gastelsveer staat, de enig bekende afbeelding. De schuur behoorde toe aan de eigenaar van het café, tevens landbouwer. Waarschijnlijk is deze schuur in de oorlog verwoest.
Rechts ligt het spoor naar en van Oud-Gastel. Zoals op de tekening hierboven is te zien, was dat uitgevoerd als strengelspoor. Dit was in 1903 aangelegd en bedoeld om ontsporingen voortaan te vermijden. Het wissel op dit schilderij werd toen ruim tachtig meter in de richting van Oud Gastel verplaatst en was van een bijzondere constructie. Tot 1903 kwamen nogal eens ontsporingen, omdat een stoomtram uit Roosendaal naar Oud Gastel te snel door het wissel ging vanwege de aflopende helling. Omgekeerd moest een zware stoomtram naar Roosendaal veel kracht zetten om de helling naar de Gastelsedijk op te komen en ontspoorde dan nog wel eens op het kromliggende wissel naar links.